Op een dag namen de ruiters van Lekkerbeetje een groep Franse
ruiters gevangen. Deze groep werd geleid door Pierre de Bréauté.
Lekkerbeetje bracht de Bréauté naar s’Hertogenbosch, omdat van Houwelingen diende onder de gouverneur van de stad, Antonie Schetz.. Er werd losgeld gevraagd om de Bréauté’s leven. Deze werd afbetaald en de Bréauté werd vrijgelaten. Maar naderhand ontving van Houwelingen een brief van de Bréauté. In de brief stond dat de Bossche ruiters zo zwak waren, dat zelfs als Lekkerbeetje een 40 tegen 20 overmacht had, hij zich niet gevangen zou laten nemen. Van Houwelingen en zijn compagnie waren hierdoor natuurlijk beledigd, zo beledigd dat ze de Bréauté
uitdaagde tot een duel. Het duel werd geregistreerd op 5 februari 1600

En werd gevochten op de Vughterheide. Aan de ene kant stond Lekkerbeetje, aan de andere kant de ruiters van Frankrijk. Allebei waren ze 21 ruiters sterk. Iedere ruiter uitgerust met een zwaard en een pistool. Al tijdens de eerste charge, en vrijwel het eerste pistoolschot, werd Gerard van Houwelingen gedood, maar zijn mannen streden dapper door. Ook de Bréauté’s paard en reservepaard sneuvelden, maar hij vocht nog steeds te voet door. Nadat 6 ruiters van Lekkerbeetje en 14 van de Franse troepen
gedood waren moesten de Bréauté en vier van zijn kameraden zich toch overgeven. De slag was gewonnen door Lekkerbeetje, ookal vrloren ze hun kapitein. De Bréauté was een veilige aftocht beloofd, maar werd daarna toch vermoord.
Deze slag wordt gezien als het laatste heroïsche riddergevecht in West-Europa. In Vught staat een standbeeld van Gerard van Houwelingen en Pierre de Bréauté. Dit standbeeld staat in de De Bréautélaan, vernoemd naar de Franse kapitein.